Sterren & Planeten

Veelgestelde vragen

 

Terug naar hoofdpagina

Heeft u vragen over (verschijnselen aan) de sterrenhemel? Of over een ander sterrenkundig onderwerp? Stuur uw vraag dan naar de vragenpagina van Zenit! Hieronder zijn de antwoorden op enkele veel gestelde vragen te zien.

Botsende kometen? - Vallende sterren - Snelheid - Aantal sterren - Sterren kijken - Sterrenwachten - Zwaartekracht - Werkstuk sterrenbeelden - Dierenriem - Sterren te koop? - Bewegende sterren - Samenstanden - Planeet X - Hoe helder zijn de sterren? - Schijnen sterren echt? - De beweging van de maan

Botsende kometen?

Bestaat er een komeet met de naam 1989 FC? Die zou in 2015 60000km verwijderd zijn van de aarde, maar in 2040 zou die maar 4000km van de aarde verwijderd zijn en zou hij door de aantrekingskracht de aarde toch kunnen raken.
Zou het waar kunnen zijn? Of mogen jullie dit niet bekend maken?

Jimmy Deckers


1989 FC is geen komeet, maar een planetoïde. Het ding heet inmiddels officieel 4581 Asclepius en passeerde de aarde in 1989 op ongeveer 700.000 km afstand. Hij is ongeveer 340 meter groot: een kleintje dus. Recente baanberekeningen wijzen erop dat hij niet zo dichtbij komt: 10 miljoen kilometer in 2015 en 13 miljoen km in 2044. In 2051 komt hij dichterbij: 1,8 miljoen km.
In de tussentijd komen er natuurlijk nog wel de nodige andere dichterbij. Je kunt hier een lijst van risicovolle exemplaren bekijken, het is geen geheim: http://neo.jpl.nasa.gov/risk/.

terug naar boven

Vallende sterren

Als een ster ‘valt’ of een komeet, komt er dan op de aarde ook daadwerkelijk iets te vallen? Ik heb nl. een heel donker brokje gevonden in mijn tuin en ineens dacht ik daaraan.

Joke van Mierlo


Kometen vallen gelukkig niet zo vaak op aarde, dus laten we het maar even bij ‘vallende sterren’ of meteoren houden. Bij een gewone vallende ster valt er weinig of niets op aarde: de deeltjes die deze lichtverschijnselen veroorzaken zijn niet groter dan stofjes of zandkorreltjes. Maar: er zijn soms ook zeer heldere meteoren te zien, die ook wel ‘vuurbollen’ worden genoemd. Deze worden veroorzaakt door wat grotere brokstukjes uit de ruimte en soms komt een geblakerd restant van zo'n steen inderdaad op aarde terecht.

Waaraan kun je zo'n meteoriet herkennen?
1. Hij is beslist niet poreus, zoals puimsteen.
2. Hij is opvallend zwaar voor zijn omvang. Dat kun je eventueel testen met een weegschaaltje: een meteoriet is veel zwaarder dan een kiezelsteen van vergelijkbare grootte.
3. De buitenkant is veelal donkerbruin tot zwart – dit is de smeltkorst die ontstaan is toen de steen door de wrijving met de aardatmosfeer werd verhit. Die korst is maar heel dun, en vaak zijn er ook schilfers van afgesprongen. Op die plaatsen kun je dan zien dat de steen van binnen veel lichter van kleur is (eerder lichtgrijs of beige dan zwart of bruin).

Op deze site zijn een paar voorbeelden van in Nederland gevonden meteorieten te zien. Mocht het steentje na bovenstaande nog steeds op een meteoriet lijken, dan kun je contact opnemen met de auteur van de site: Marco Langbroek.

terug naar boven

Snelheid

Wat ik me afvraag is: met welke snelheden draaien we om de as van de aarde, om de zon en om het centrum van ons melkwegstelsel en waarom merken we niets van deze snelheden in drie verschillende richtingen (waarom worden we op z'n minst niet misselijk).

Ben Kamerhuis


De aarde draait in 24 uur om haar as: in die tijd maak je dus een rondje om de as van de aarde. Het maakt daardoor voor de snelheid veel uit of je aan de evenaar zit of bij de polen. Bij de evenaar leg je in één dag 40.000 kilometer af – dat is 1666 km per uur – bij de polen sta je zowat stil.

De snelheid van de aarde om de zon bedraagt ongeveer 30 km per seconde. Die van de zon om het centrum van het Melkwegstelsel ongeveer 250 km/s. Daar merken we niks van omdat het (vrijwel) constante snelheden zijn en wij met z'n allen met precies dezelfde snelheid mee bewegen. En in tegenstelling tot bij een draaimolen heb je ook geen nabije omgeving die je langs je heen ziet flitsen. De afstanden in het heelal zijn dermate groot, dat je zelfs van deze enorme snelheden niet veel merkt.

terug naar boven

Aantal sterren

Is, bij benadering, te zeggen hoeveel sterren er aan de hemel staan ? En hoeveel zien wij er op een heldere avond met het blote oog ?

Hanny Bakker


Hoeveel sterren er te zien zouden zijn als we ze allemaal zouden kunnen zien? Enkele tientallen miljoenen. De enige beperking is dan in feite dat er veel sterren vóór en achter elkaar zouden staan, of achter stof- en gaswolken, waardoor we de rest van de 200 miljard sterren van ons Melkwegstelsel niet te zien krijgen. En dan hebben we het maar niet over die tientallen miljarden andere melkwegstelsels...
Met het bloten oog zijn op een heldere avond buiten de stad ongeveer 2000 sterren te zien. Binnen de stad: 1000 of minder.

terug naar boven

Sterren kijken

Ik zou graag een keer naar de sterren willen kijken door een grote telescoop, waar en wanner is dat mogelijk?

Adelina


Dat kan bij een van de publiekssterrenwachten in ons land – al moet ik bekennen dat er geen heel grote telescopen in Nederland te vinden zijn. Voor adressen, zie: http://www.dekoepel.nl/sterrenwachten.html.

terug naar boven

Sterrenwachten

Wat doen sterrenwachten in Nederland precies? En wordt er in Nederland ook nog onderzoek naar sterren gedaan?

Sophie Gerlich


In Nederland zijn geen professionele sterrenwachten met ‘gewone’ telescopen meer. Er waren er een stuk of vier, maar die zijn nu gesloten of veranderd in publiekssterrenwachten (een soort musea, zeg maar). Daar wordt (dus) ook geen onderzoek meer gedaan, al staan er nog wel telescopen en worden er (net zoals in een stuk of tien andere publiekssterrenwachten) door amateurs nog waarnemingen gedaan en foto's gemaakt.

Er is nog wel een grote radiosterrenwacht in Westerbork – een van de grootste ter wereld zelfs. Daar staat een hele rij grote schotelantennes waarmee radiostraling uit het heelal wordt opgevangen. Dat is iets heel anders dan kijken door een telescoop. Meer informatie vind je hier: http://www.nfra.nl/wsrt/WSRTgen/index.html

terug naar boven

Zwaartekracht

Ik heb een vraag over aantrekkingskracht van de aarde, met name over de afname van de zwaartekracht in verhouding tot de afstand van het aardoppervlak. Hoe zit dat nu, neemt de zwaartekracht geleidelijk af naarmate men zich verder van de aarde af beweegt? Met andere woorden: is de zwaartekracht bijvoorbeeld in een vliegtuig of boven op een berg meetbaar afgenomen? Op welke hoogte ben je gewichtloos?

M. Stoffer


De aantrekkingskracht van de aarde neemt inderdaad af met de afstand tot het middelpunt van de aarde. Het is zelfs zo dat een tweemaal zo grote afstand in een viermaal zo kleine aantrekkingskracht resulteert. Op bergtoppen en in vliegtuigen is het verschil meetbaar, maar wel erg klein. Het maakt immers niet veel uit of je nu 6400 kilometer van het centrum van de aarde verwijderd bent of 6410 kilometer: in termen van zwaartekracht scheelt dit minder dan een half procent.
De aantrekkingskracht van de aarde wordt eigenlijk op geen enkele hoogte nul. Dat zal je misschien verbazen i.v.m. de beelden van ‘zwevende astronauten’ in ruimtestations. Maar ook zij worden wel degelijk door de laatste aangetrokken: samen met het ruimtestation maken ze een (cirkelvormige) 'valbeweging' om onze planeet.
Dat de zwaartekracht ook op veel grotere afstanden werkt, blijkt onder meer uit het feit dat de maan om onze planeet blijft draaien.
Meer informatie: http://www.eddyechternach.nl/artikelen/zwaartekracht.html

terug naar boven

Werkstuk sterrenbeelden

Wij zijn twee leerlingen van een middelbare school in XXX. We hebben een paar vragen over het sterrenbeeld YYY....


Deze vraag bereikt ons vrijwel wekelijks, dus het zal wel een standaard schoolopdracht zijn. ;o)
De antwoorden zijn gewoonlijk te vinden op: http://www.kuuke.nl
Ook kun je een computerplanetariumprogramma gebruiken.

terug naar boven

Dierenriem

In een sterrenkundeprogramma hebben we de dierenriem bekeken. De datums komen niet overeen met de datums die wij kennen. Hoe kan dat? Wij zijn zelf bijvoorbeeld allebei Steenbok, maar uit het sterrenkundeprogramma Skyglobe blijkt dat we Boogschutter zijn. Is hier een verklaring voor?

Ilse en Wendy


De data van de dierenriem zoals je die in horoscopen tegenkomt, zijn afkomstig uit de astrologie. Men heeft destijds – duizenden jaren geleden – het gedeelte van de sterrenhemel waar de zon in de loop van het jaar langs beweegt opgedeeld in twaalf even grote stukken. En elk van deze stukken kreeg de naam van het bijbehorende sterrenbeeld van de dierenriem. De twaalf (astrologische) tekens van de dierenriem kregen dus de namen van de sterrenbeelden zoals die al veel langer bestonden.
Maar sinds die tijd is er iets veranderd. De as waar de aarde om draait schommelt namelijk een beetje heen en weer zoals een tol dat kan doen. Precessie heet dat. Ten gevolge van die precessie schuift de baan waarlangs de zon langs de hemel lijkt te bewegen steeds een beetje op ten opzichte van de sterrenbeelden. Dat gaat héél langzaam: het duurt ongeveer 26.000 jaar voordat de aardas één volledige precessiebeweging heeft gemaakt. Concreet betekent dit dat de zon ongeveer in tweeduizend jaar een sterrenbeeld opschuift.
Door de precessie vallen de astrologische tekens van de dierenriem niet meer samen met de sterrenbeelden zoals we die aan de hemel zien staan. En het zal nog ruim 20.000 jaar duren voordat dat weer het geval is.

terug naar boven

Sterren te koop?

Op zoek naar een origineel cadeau trof ik op internet een club aan onder de naam "International Star Registry" die tegen betaling van ca $50,-- een ster een gewenste naam geeft en dit registreert. Zo is er ook een club die aan een deel van de maan iemands naam kan verbinden.

Zijn deze clubs u bekend en weet u of er aan die registratie enige sterrenkundige betekenis kan worden gehecht. Zijn het mogelijk gewoon handige ondernemers die alleen een grappig "certificaat" maken zonder verdere formele sterrenkundige vastlegging. Bestaat er inderdaad een organisatie die sterren namen kan geven?

Hans Boerdam


Het antwoord kan kort zijn: de registratie heeft geen enkele betekenis – sterrenkundig niet, en in andere opzichten ook niet. Sterker nog, er zijn meerdere van dit soort organisaties, die vrolijk allerlei sterretjes tegen betaling van een naam voorzien. De enige internationaal erkende organisatie die zich met sterrenkundige naamgeving bezighoudt is de Internationale Astronomische Unie, en die verkoopt nu eenmaal geen sterren of stukjes maan of wat dan ook. Het is pure geldklopperij.

terug naar boven

Bewegende sterren

Op mooie heldere zomeravonden zet ik mijn tuinstoel in de achteroverstand en bekijk de hemel. Wat mij daarin opvalt zijn bewegende "sterren" die met een constante snelheid in een bepaalde baan "vliegen".
Een vliegtuig denk ik te kunnen herkennen aan een rood, groen of knipperend licht. Wat zijn dan die "sterren" die met een constante snelheid zich voortbewegenen en na soms een half uur door een volgende "ster" met ongeveer dezelfde lichsterkte in nagenoeg dezelfde baan worden gevolgd?
Zijn dit soms satellieten? Of zijn satellieten ‘s nachts met het blote oog niet eens zichtbaar?

Peter Uitslag


Het zijn inderdaad satellieten. Daarvan draaien er vele honderden om de aarde en vele daarvan zijn bij helder weer gewoon met het blote oog te zien. Vooral ’s zomers zie je er veel, omdat de zon dan maar een klein stukje onder de horizon staat: op grote hoogte schijnt dan gewoon de zon! Vandaar ook dat die satellieten licht lijken te geven: het is gewoon weerkaatst zonlicht. Als je goed oplet, zie je zo'n satelliet soms gewoon ‘verdwijnen’: hij is dan in de schaduw van de aarde terecht gekomen.

terug naar boven

Samenstanden

Op 13 mei 2002 vond de grote samenstand van de vijf planeten plaats. Dit is voor het laatst gebeurd rond 1700 en zal weer plaatsvinden over ca. 45 jaar. Mijn vraag is nu: waarom vond deze gebeurtenis 300 jaar geleden plaats en zal zoiets nu alweer over ca. 45 jaar plaatsvinden, i.p.v. van over een zelfde periode van ca. 300 jaar?

G.P.P. van Beekvelt


Weliswaar zit er een zekere regelmaat in dit soort gebeurtenissen, maar doordat de planeten allemaal verschillende omlooptijden om de zon hebben, zit er nogal wat variatie in de tussenpozen waarmee ze vanaf de aarde allemaal in elkaars buurt zichtbaar. De beperkende factor is eigenlijk de stand van de planeten Jupiter en Saturnus, die erg traag langs de hemel bewegen. Zo lang deze twee tamelijk dicht bij elkaar staan, is de kans op een vijfvoudige samenstand vrij groot.
Een andere factor is de zon. Het is – strikt genomen – namelijk niet waar dat de vorige samenstand meer dan tweehonderd jaar geleden plaatsvond. Nog maar twee (!) jaar geleden, op 5 mei 2000, vond net zo'n samenstand plaats, maar deze gebeurde in de nabijheid van de zon: geen van de planeten was toen waarneembaar! Iets vergelijkbaars was het geval in februari 1962. En ook in de negentiende eeuw zijn er voorbeelden van.
Ook in 2004, 2005 en 2016 zullen de vijf heldere planeten tegelijkertijd zichtbaar zijn. Maar ze zullen elkaar dan lang zo dicht niet naderen als nu het geval is. De samenstand van 2040 zal heel spectaculair zijn, maar ook in 2042, 2096 en 2098 zijn alle vijf de planeten weer tegelijk te zien. Ruwweg gebeuren dit soort samenstanden een keer of drie per eeuw, maar slechts ongeveer de helft daarvan is ook werkelijk te zien, en daar weer de helft van is opvallend genoeg om de krant te halen.

terug naar boven

Planeet X

De laatste tijd heb ik een aantal keren iets over een zogenaamde ‘planeet X’ gehoord. Hoe weten ze dat er nóg een planeet is en weten ze er al iets meer over.

W. Eijkelenboom


De kwestie ‘planeet X’ (de tiende planeet) gaat al heel ver terug - eigenlijk zelfs naar de dagen vóór de ontdekking van de negende planeet, in 1930. Het bestaan van deze laatste was oorspronkelijk afgeleid uit kleine verstoringen van de baanbeweging van met name de planeet Neptunus. Al snel werd aangenomen dat deze verstoringen veroorzaakt zouden moeten worden door een planeet die zich verder van de zon bevindt. En in 1930 werd dus inderdaad zo'n verre planeet ontdekt: Pluto.
Al snel bleek echter dat Pluto te klein en te licht is om de baanverstoringen van Neptunus te kunnen verklaren. Sommige wetenschappers gingen er daarom lange tijd van uit dat er nóg een (grotere) planeet voorbij Neptunus moet zijn. Maar inmiddels zijn ook daarover weer twijfels gerezen. Op de eerste plaats is de baan van Neptunus nu veel beter bekend dan honderd jaar geleden, en zijn de vermeende baanverstoringen goeddeels verklaarbaar zónder een tiende planeet. Bovendien is er ondanks intensieve zoektochten geen object van aanzienlijke grootte gevonden.
Wat wél is vastgesteld is dat zich voorbij Neptunus nog vele ‘kleine’ objecten bevinden, waarvan sommige niet veel kleiner zijn dan Pluto en zijn maan Charon. Tezamen met laatstgenoemde vormen zij de zogeheten Kuipergordel: een gordel van planetoïden zoals we die ook tussen de banen van Mars en Jupiter vinden. Het bestaan van de Kuipergordel was al in de jaren vijftig theoretisch voorspeld en hij blijkt dus inderdaad te bestaan. Het is niet waarschijnlijk dat zich voorbij de Kuipergordel nog een ‘echte’ planeet bevindt. Wel zijn er het afgelopen jaar enkele forse Kuipergordelobjecten ontdekt, waarbij af en toe ook de kreet ‘planeet X’ viel.

terug naar boven

Hoe helder zijn de sterren?

Stralen sterren een constant licht of is de lichtsterkte variabel?
Deze vraag omdat de ene ster helder lijkt dan de andere.

Sunella Scheffer


Dat de ene ster helderder lijkt dan de andere heeft twee oorzaken:
1. Op de eerste plaats staan sterren op allerlei verschillende afstanden. De verste zijn uiteraard zwakker dan de meer nabije.
2. Ook de werkelijke lichtkracht is niet voor elke ster gelijk. Sommige sterren zijn vele malen helderder dan onze zon, andere zwakker.

De combinatie van bovenstaande is de belangrijkste reden dat de sterren aan onze nachthemel verschillende helderheden hebben. Daarnaast is het inderdaad ook zo dat sommige sterren (enigszins) in helderheid fluctueren. Voorbeelden hiervan zijn de veranderlijke sterren Algol en Mira, die in de maandoverzichten van ‘Sterren en Planeten 2001’ regelmatig genoemd worden.

terug naar boven

Schijnen sterren echt?

Hallo, ik ben Jorn (8 jaar) en ik zou zo graag willen weten of sterren echt schijnen of dat ze beschenen worden door de zon. En of ze van binnen ook koud zijn of lava hebben.En is de zon een ster of een planeet.

Jorn Vos


Sterren schijnen echt! Het licht dat ze uitzenden ‘maken’ ze zelf, net zoals onze zon dat doet. Eigenlijk is de zon ook een gewone ster, maar dan één die heel dichtbij staat. Alle andere sterren zijn zo ver weg dat we ze als heel kleine stipjes zien. Maar in werkelijkheid zijn de meeste ongeveer net zo groot als de zon of zelfs nog groter!
Net als de zon zijn sterren van binnen heel erg heet: in het midden is hun temperatuur miljoenen graden en aan hun oppervlak altijd nog een paar duizend graden. Bij die temperatuur bestaan geen vaste stoffen, zoals op aarde. Je zou met een beetje fantasie kunnen zeggen dat een ster van binnen uit vloeibare lava bestaat, maar dat is wel een heel ander soort lava dan uit vulkanen op aarde komt.
De zon is dus geen planeet! Een planeet is een (koud) hemellichaam, dat zelf geen licht uitzendt en om een ster heen draait. Onze zon heeft negen planeten, waaronder de aarde. Waarschijnlijk hebben de meeste andere sterren ook planeten.

terug naar boven

De beweging van de maan

Ik heb nooit goed begrepen hoe de maan langs de hemel beweegt. We zien hem van oost naar west gaan, hij staat niet altijd even hoog, staat nooit in het noorden, komt op en gaat onder. Het precieze ervan en de relatie (als die bestaat?) met de schijngestalten snap ik niet.
Mijn vraag luidt: is er ergens een document, artikel of website te vinden met een duidelijke uitleg van ‘het systeem’ van de maanbeweging?

Dick Last


In ‘Sterren en Planeten 2000’ staat kort beschreven hoe de schijngestalten van de maan ontstaan. Het is gewoon een kwestie van de onderlinge posities van zon, maan en aarde. Maar daarmee is de handel en wandel van de maan nog niet volledig beschreven. Zo staat de Volle Maan de ene keer hoog aan de hemel, en de andere keer juist weer laag. Hoe komt dat?

Het is belangrijk om onderscheid te maken tussen de hemelpositie van de maan en zijn positie ten opzichte van de lokale horizon. Als we naar de beweging van de maan ten opzichte van de sterren kijken, is het verhaal simpel. De maan beweegt in een vaste baan om de aarde, waarvan het vlak bovendien vrijwel samenvalt met het vlak van de aardbaan. Anders gezegd: zon, aarde en maan liggen - binnen een zekere marge – altijd in hetzelfde vlak: nooit torent een van de drie ver boven de andere uit.
Voor de hemelpositie van de maan betekent dit dat hij, net als de planeten, altijd binnen een smalle strook aan de hemel blijft. Deze strook is de bekende dierenriem: de reeks van ongeveer twaalf sterrenbeelden waar we maan en planeten altijd kunnen vinden. Ten opzichte van de sterrenbeelden van de dierenriem beweegt de maan van west naar oost. Dat is een gevolg van de beweging van de maan om de aarde. (We zien de maan natuurlijk wel in het oosten opkomen en in het westen ondergaan - het gevolg van de draaiing van de aarde - maar ondertussen beweegt de maan dus juist in tegengestelde richting langs de sterren!)

De positie die de maan ten opzichte van onze horizon inneemt is - opmerkelijk genoeg - juist het gevolg van de stand van de aarde. Zoals bekend staat de rotatieas van onze planeet schuin ten opzichte van het vlak van zon en planeten. Hierdoor staat de zon hier ‘s winters veel lager aan de hemel dan ‘s zomers. We kunnen dit ook bekijken in termen van dierenriemsterrenbeelden. Eind december staat de zon in het sterrenbeeld Boogschutter, een sterrenbeeld dat nooit hoog aan de hemel staat. Omdat de Volle Maan om voor de hand liggende redenen altijd tegenover de zon aan de hemel staat, staat hij bij gevolg ‘s winters juist hoog aan de hemel. In juli is de situatie omgekeerd: de zon staat dan in het ‘hoge’ sterrenbeeld Tweelingen, wat betekent dat de Volle Maan dan juist in het tegenoverliggende ‘lage’ sterrenbeeld Boogschutter staat.

uitleg stand maan

Bijgaand plaatje laat zien wat er gebeurt. In onze zomer is de dagkant van het noordelijk halfrond van de aarde naar de zon toe gekanteld. Hierdoor staat de zon relatief hoog aan de hemel; anders gezegd: de hoek met het zenit (het punt recht boven ons) is klein. Maar ‘s nachts is de hoek tussen het zenit en de positie van de (volle) maan veel groter: de maan staat dan dus juist laag aan de hemel. In de winter zijn de rollen van zon en maan omgedraaid.

Voor de maan in Eerste en Laatste Kwartier geldt iets soortgelijks. Bij Eerste Kwartier staat de maan drie dierenriemsterrenbeelden (een kwart omloop rond de aarde) verder dan de zon; bij Laatste Kwartier juist drie dierenriemsterrenbeelden vóór de zon. Zo komt het dat de maan in het voorjaar bij Eerste Kwartier in de Tweelingen staat, en dus hoog boven de horizon uittorent. In het najaar geldt hetzelfde voor de maan in Laatste Kwartier.

De hierboven beschreven effecten zijn afhankelijk van je plaats op aarde. Doordat de maan vrijwel precies hetzelfde pad langs de hemel volgt als de zon, staat de maan hier nooit in het noorden. Maar dat is op het zuidelijk halfrond natuurlijk anders: daar staat de maan altijd in het noorden en nooit in het zuiden! (Daarbij komt dan nog dat het ‘gezichtje’ in de maan ondersteboven staat.) En in de tropen staat de Volle Maan altijd hoog aan de hemel: bijna recht boven de waarnemer, zelfs.

Een uitstekende, uitgebreide beschrijving van allerlei aspecten van de maan en zijn beweging zijn te vinden in het boek ‘Gezichten van de maan’, geschreven door Govert Schilling (Aramith, Bloemendaal 1994).

terug naar boven